OORKONDE — NOORD- EN ZUID-HOLLANDSCHE REDDING-MAATSCHAPPIJ ============================================================= Afgegeven: 5 juni 1921, Amsterdam Aan: S.J. Zwart, kapitein, sleepbootvrawler "Flottum" te Zoutkamp Voor: Redding van 10 man van de reddingboot van Schiermonnikoog op 9 april 1921 TRANSCRIPTIE ------------ Het Bestuur der NOORD- EN ZUID-HOLLANDSCHE REDDING-MAATSCHAPPIJ gevestigd te Amsterdam betuigt U [S.J. Zwart, kapitein, sleepbootvrawler "Flottum" te Zoutkamp], hierbij zijnen dank voor Uw beleidvol en moedig gedrag op den 9 April 1921, hetgeen geleid heeft tot de redding van tien man van de reddingboot van Schiermonnikoog. Het reikt U hierbij als bewijs van tevredenheid en oprechte dankbetuiging dit getuigschrift uit, met bijvoeging van den hartelijken wensch, dat Uwe edele pogingen te allen tijde een welverdiende waardeering mogen vinden. Het Bestuur der NOORD- EN ZUID-HOLLANDSCHE REDDING-MAATSCHAPPIJ Voorzitter: [Seyffert?] Secretaris: H. de Booy Afgegeven den 5 Juni 1921. DRUK DE BUSSy. CONTEXT — HET VOORVAL VAN 9 APRIL 1921 --------------------------------------- Bron: Delpher (krantenarchief KB) — primaire artikelen over het voorval, samengevat en in chronologische volgorde: 1. **"De Schipbreuk van de 'Juliandra'"** + **"De kranige redding door de 'Delfzijl'"**, Bataviaasch Nieuwsblad, 20-05-1921. Ooggetuigenverslag van de bemanning van de stoomtrawler Noordzee (uit Zoutkamp) en de Delfzijl. De sleepboot Noordzee was eerst bij het gestrande schip en sleepte de Duitse schoener Juliandra (Hamburg) naar binnen. Onderweg pikten ze bij Engelschmanplaat vijf man op uit een sloep — die vertelden dat de roeireddingboot van Schiermonnikoog was omgeslagen op de terugtocht. "De reddingsboot is bij de Juliandra gekomen, doch men wilde niet in de boot gaan; deze voer daarop terug en is in de branding omgeslagen. Van de opvarenden zijn 10 man gered en 2 verdronken, kapitein Bruis en Visser." 2. **"De mannen der reddingboot van Schiermonnikoog"**, Dagblad van Noord-Brabant, 18-04-1921, en De Courant, 19-04-1921. Ooggetuigenverslag vanaf Schiermonnikoog. De bemanning van 11 man vertrok op 9 april 1921 om 11 uur 's ochtends, na een noodsein van een schip in zee (de Duitse schoener Juliandra van Hamburg). De schipper Ambrozius Dubblinga (in de volksmond "Bruis") stond sinds 1879 in de reddingboot en had aan bijna alle strandingen meegewerkt. De bemanning: Thomas de Groot (voorman), K. Matroos en Douwe Visser (gezagvoerders), R. Dobbinga, Tj. Onnes en Jan de Boer (stuurlieden), Minne Oomes, Andries Wielema, Jacob Smenk en Sietze van der Geest (vaste bemanning). Bij terugkeer sloeg de boot om in de branding; 11 man klommen op de kiel, maar een brandinggolf sloeg de schipper eraf. Eén roeier (Douwe Visser) werd van de boot geslagen en verdronk. Schipper Dubblinga verdronk ook. De overige 10 dreven drie uur op de kiel door de branding. "Een trawler bleek een flinke zeeman te zijn, die met zijn vaartuig, dat een diepgang had van elf voet, op twaalf voet water durfde te komen, vlak bij de branding. Zoo werden deze tien mannen, nadat ze drie uren in de branding..." 3. **"De schipbreuk van de Julandia"** — rectificatie, De Courant, 16-04-1921. "Naar aanleiding van het uitgebrachte rapport van den kapt. T. Zwart, van den stoomtrawler 'Rottum' van Delfzijl, betrekking hebbend op de Julandia-Hamburg, verzoeken de heeren J. Bintjes, kapt van de Noordzee en J. Goedenkarz, kapt. van de Julam-dia, ons plaatsing voor het volgende: Niet de Rottum van Delfzijl, maar de 'Noordzee' was het eerst bij het schip Julandia. Door storm en hooge zee gelukte het den eersten keer niet om verbinding te krijgen en onderwijl de 'Noordzee' voor de tweede maal poogde verbinding te krijgen, stoomde ook de 'Rottum' langs de Julandia, ook zonder verbinding te krijgen..." → Drie schepen waren ter plaatse: Noordzee (uit Zoutkamp), Rottum (uit Delfzijl, kapitein T. Zwart), en een derde die de 10 geredden oppikte. De oorkonde is voor S.J. Zwart van de Flottum — mogelijk een ander schip dat in de reddingsactie betrokken was, of de Flottum was een andere schip dat later arriveerde. 4. **"Schiermonnikoog 10 April"** — herdenking, Nieuwsblad van het Noorden, 11-04-1931 (tien jaar na het voorval). "Gisteren was het juist tien jaren geleden, dat de inwoners van Schiermonnikoog zulke bange uren hebben doorgemaakt. Op 9 April 1921 toch vroeg de Duitsche schoener Juliandra van Hamburg sleepboothulp. Op de terugtocht is de reddingsboot door zware zeeën getroffen en omgeslagen. Vele uren hebben de schepelingen zich aan het hout kunnen vastklemmen. Hulp van het eiland was niet te bieden. De marine kon volgens den commandant niet komen. Het gelukte eindelijk aan de trawler 'Rottum' de schipbreukelingen op te pikken, behalve twee, die als slachtoffers van hun plicht vielen." 5. **KNRM** (Koninklijke Nederlandse Redding Maatschappij) heeft het voorval uitgebreid herdacht in 2022 — honderd jaar na dato. Persbureau Ameland, 9 april 2022. Het KNRM beschrijft de bemanning en de omstandigheden. Verdronken: Douwe Visser (41, weduwnaar) en schipper Ambrosius Dubblinga (59). DE OMGEKOMEN REDDERS -------------------- - **Douwe Visser** — roeier, gezagvoerder, 41 jaar, weduwnaar, verzorgde zijn moeder en zoontje. - **Ambrosius Dubblinga** — schipper van de reddingboot, 59 jaar, "Bruis" genaamd. Sinds 1879 bij de reddingboot, had aan bijna alle strandingen sindsdien meegewerkt. Liet vrouw en kinderen achter. FAMILIE-VERBINDING ------------------- **S.J. Zwart** is een Zwart uit Zoutkamp — dezelfde gemeenschap waar Anny's moeder Aafke Zwart (1904-1979) opgroeide. Het is nog niet bewezen of S.J. een directe voorvader is of een neef/tante van een voorvader; de achternaam Zwart komt in Zoutkamp in deze periode veelvuldig voor. Wat vast staat: de oorkonde is in familiebezit gebleven, en is bewaard in het archief van Ronald Heldoorn — wat een directe band tussen Anny's familie en deze heldendaad op zee bevestigt. Mogelijke verwant: de kapitein van de **Noordzee** was J. Bintjes (niet een Zwart), maar de kapitein van de **Rottum** was **T. Zwart**. Dat kan dezelfde familie-tak zijn — T. Zwart van Delfzijl voer waarschijnlijk ook van oorsprong uit Zoutkamp, want de Groninger kotters en trawlers visten en voeren vanuit Zoutkamp, maar hun thuishaven werd soms Delfzijl of een andere haven. DE ORGANISATIE: NOORD- EN ZUID-HOLLANDSCHE REDDING-MAATSCHAPPIJ --------------------------------------------------------------- - Opgericht: 11 november 1824, Amsterdam (later koninklijk) - In 1991 gefuseerd met de Zuid-Hollandsche Maatschappij tot Redding van Schipbreukelingen tot de huidige **KNRM** (Koninklijke Nederlandse Redding Maatschappij). - Reikte medailles en oorkondes uit voor heldhaftige reddingen op zee. De oorkonde die S.J. Zwart ontving was een van die erkenningen. - In de 19e en vroege 20e eeuw stonden de Waddeneilanden bekend om hun roeireddingboten — die door hun beperkte middelen vaak in gevaarlijke omstandigheden terechtkwamen. ARCHIEFSTUKKEN -------------- - Originele oorkonde: ingelijst, foto aanwezig in images/oorkonde-zwart-1921-origineel.jpg (2040×1530px) - Web-versie: images/oorkonde-zwart-1921.jpg (1200×900px) - Thumbnail: images/oorkonde-zwart-1921-thumb.jpg (600×450px) - Transcriptie: dit document - Bijbehorende krantenartikelen: zie Delpher-links hierboven